Een back-up valt of staat met inrichting én controle. Een paar praktische uitgangspunten die we in vrijwel elke omgeving toepassen:
- Volg de 3-2-1-regel: houd minimaal 3 kopieën van belangrijke data, op 2 verschillende soorten opslag/media, waarvan 1 kopie offsite. De Amerikaanse cybersecurity-instantie CISA gebruikt deze regel als praktische richtlijn voor betere herstelbaarheid.
- Maak retentie een bewuste keuze: hoe ver terug in de tijd moet je kunnen (dagen/weken/maanden/jaren)? Dit moet passen bij je risico’s en wet- en regelgeving.
- Denk aan immutability/‘niet te wijzigen’ back-ups: bescherming tegen ransomware wordt sterker als (een deel van) je back-ups niet zomaar te verwijderen of aan te passen zijn.
- Versleutel en beperk toegang: back-ups bevatten vaak je meest gevoelige data. Zorg voor sterke toegangsbeveiliging en encryptie.
- Monitoren + rapportage: een back-up die ‘stil’ faalt, is geen back-up. Automatiseer meldingen en controleer rapportages.
- Test herstel (periodiek): NIST benadrukt in guidance dat back-ups niet alleen gemaakt, maar ook onderhouden en getest moeten worden. Hersteltesten voorkomen verrassingen op het moment dat het erop aankomt.




